Hoe maken we van deelgrepen op 3 snaren een 4-klank? Heel eenvoudig:

  • we laten de grondnoot (8) dalen naar de septime (7)
  • ofwel stijgt de kwint (5) naar de septime
  • ofwel stijgt of daalt de terts (3) naar de septime

Een voorbeeld

tb 107 b

Enkele vaststellingen

  • Er is nu een omkering extra, nl. de derde omkering met de 7 als grondnoot.

tb1 108 b

  • Omdat de grondnoot, de terts of kwint ontbreekt volgen de omkeringen ook niet altijd netjes na elkaar als je van snarengroep verandert. Normaal gezien heb je eerst de grondligging, dan de eerste omkering, vervolgens de tweede omkering en ten slotte de derde omkering. 4-klanken op 3 snaren slaan af en toe een omkering over (vb. van 1°OK naar 3° Ok). Als je de grepen opschuift, kan je wel de volgorde van de omkeringen volhouden.
  • Als we de grondnoot (8) vervangen door de 7, spelen we de bovenbouw van de 4-klank. We krijgen dan een 3-klank in Gl, 1°OK of 2°OK.

tb2 108 b

  1. Groot 7 akkoord zonder grondnoot = kleine 3-klank
  2. Dominant 7 akkoord zonder grondnoot = verminderde 3-klank
  3. Klein 7 akkoord zonder grondnoot = grote 3-klank
  4. Half verminderd 7 akkoord zonder grondnoot = kleine 3-klank
  5. Verminderd 7 akkoord zonder grondnoot = verminderde 3-klank

  • Het verminderd 7 akkoord op 3 snaren is altijd een verminderde 3-klank ongeacht we de 8, 3 of 5 vervangen door de 7.